Ambtenaren, wethouders, ministers, kamerleden, politieagenten. Voor al deze functies is vereist dat je een eed moet afleggen. Deze eed bestaat grofweg in twee vormen: de confessionele eed (zo waarlijk helpe mij God almachtig) en de seculiere belofte (dat verklaar en beloof ik).

Deze eed staat op gespannen voet me de scheiding van kerk en staat. De eedaflegger belooft dat niemand is omgekocht voor het verkrijgen van het ambt, en dat ook in de toekomst niet zal doen. Strikt genomen is eigenlijk geen enkele reden om God hierbij te betrekken; alsof het aanroepen van de Almachtige de eed meer gewicht zou geven. Uiteraard is dit niet het geval: de twee beloften zijn absoluut evenveel waard. Waarom dan toch het onderscheid? Het simpele antwoord is dat de Christelijke partijen deze eed al jarenlang hebben weten te handhaven. En niet zonder reden: als je een eedaflegger een plezier kan doen door zijn eigen religie aan te roepen – wie kan daar dan op tegen zijn?

Het antwoord blijkt te zijn: diezelfde Christelijke partijen. Uit een debat in de Tweede Kamer bleek dat zij zich verzetten tegen een eed die tegemoet komt aan andere geloven. Dit terwijl er steeds meer gelovigen zijn die zich meer herkennen in Allah de Barmhartige. Maar dit is out of the question want, zo betoogt de SGP, anders wordt het ‘een rommeltje‘. Hiermee geven de Christelijke partijen een kwalijk signaal af: het Christendom heeft binnen Nederland een belangrijker plaats dan andere geloven. De eed bestendigt deze verhouding, en dat moet zo blijven: ‘en wel in die zin dat recht wordt gedaan aan Nederland als land dat is gestempeld door het christendom’ – aldus de SGP.

Dit is kwalijke en onevenredige zaak. Als de christelijke partijen hun eigen argumenten serieus zouden nemen over een tolerante houding ten aanzien van de confessionele eed, dan past het hun ook ruimhartig te zijn over andere geloven. Immers, dezelfde argumenten die voor een christelijke eed opgaan, gaan direct op voor een Islamitisch – of wat mij betreft Zoroastrische – eedaflegging. Religieuze tolerantie is een groot goed, en Nederland doet er goed aan in deze tijden zoch tolerant op te stellen als burgers of ambtenaren zich religieus willen uiten. Maar als de christelijke partijen deze strijd echt zo hard willen spelen, dan is het misschien beter om die religieuze eed maar af te schaffen.